Kunstmatige en natuurlijke tijd, samen op weg naar 2012 - door Peter Toonen

Dit artikel is - zonder de bijbehorende illustraties - met toestemming van de auteur overgenomen uit Frontier.

 

We leven in boeiende tijden. Allerlei gebeurtenissen stapelen zich steeds sneller op, zowel in ons persoonlijke leven als in de grote wereld om ons heen.

Volgens de Indiase Veda´s eindigt nu de Kali Yuga, een periode die ruim vijfduizend jaar duurde, en het meest zware en duistere tijdperk is in een cyclus van 26.000 jaar. Volgens de Maya´s, de tijdsbewaarders op deze planeet, nadert nu het einde van verschillende tijdperken, zoals bijvoorbeeld een Arcturius Cyclus van 104.000 jaar, een Plejadische Cyclus van 26.000 jaar, en een Lange Telling van dertien Baktuns, dertien maal 144.000 dagen (bijna 5200 jaar). We zijn nu in de laatste jaren van de laatste Baktun, die van de ´Transformatie der Materie´. Al deze kalenders eindigen op 21 december 2012. Volgens deze kalenders bevinden we ons nu in de eindstrijd tussen licht en duisternis. Dit is de tijd waarin al wat in het duister staat, aan het licht komt, zodat het licht ´wakker´ wordt in de materie en kan transformeren naar het grote kosmische geheel.

Zoals gezegd, gaan de veranderingen nu zeer snel; maar hopelijk ter geruststelling: we liggen helemaal op schema. Ondanks (of dankzij?) alle atoomwapendreiging bestaat deze planeet met haar mensen nog steeds en het bewustzijn groeit sneller dan ooit. Voorlopig zal het er helaas wel zeer rommelig uitzien op Aarde, want we zijn aan het opruimen, reinigen en verbouwen. De Hopi indianen uit Noord Amerika spreken over de Tijd van Purificatie. En iedere reiniging en verbouwing geeft in eerste instantie troep. Dat is wat je nu op je tv ziet: rommel, de huidige uiterlijke werkelijkheid. Hoe ziet die eruit?

Terwijl we ons meer en meer omringen met machines die ons ´gemak dienen´ doordat ze voor ons allerlei soorten automatische handelingen verrichten, is de grote klacht tegenwoordig juist: ´Ik heb niet genoeg tijd.´!

We lijken niet zo zeer steeds meer te kunnen, maar vooral te móéten doen in steeds minder tijd. Steeds vaker komen we niet meer toe aan wat werkelijk gebeuren moet.

Hoewel machines bedoeld zijn om meer en sneller te kunnen produceren waardoor we allemaal over meer producten zoals kleding en voedsel zouden kunnen beschikken, lijden nu zowel in relatieve als in absolute zin meer mensen op Aarde honger dan toen de industrialisatie begon. Op het moment dat we schrokken van de drieduizend doden die vielen toen de Twin Towers instortten, vergaten we dat op dezelfde dag liefst vijftienduizend kinderen de hongerdood stierven.

Toen de Nederlandse regering besloot om de Joint Strike Fighter aan te schaffen om dat deze gevechtsmachine veiligheid en werkgelegenheid op zou leveren, stond het landsbestuur er waarschijnlijk niet eens bij stil dat we intussen op een planeet leven waarop meer geld wordt uitgegeven aan wapens dan aan schoolschriften. En voelen we ons echt veiliger? Wordt ons welzijn werkelijk verhoogd?

Als ik het vliegtuig wil nemen naar Guatemala om het land van de Maya´s te bezoeken, of naar Aruba om daar een duikvakantie te houden, heb ik een grote kans dat mijn toestel een tussenstop moet maken in de Verenigde Staten, het uithangbord van het vrije westen. In dat geval wordt ik nu ineens in plaats van als een vriendelijke toerist beschouwd en behandeld als een potentiële terrorist. De postpakketjes die ik in de laatste maanden naar mijn vrienden in de VS stuur met persoonlijke cadeaus komen opengescheurd aan, of helemaal niet. Reizen per vliegtuig is niet leuk meer en een kartonnen doos in een openbare ruimte zonder aanwijsbare eigenaar is iets gevaarlijks geworden.

Trein-, bus- en metrostations, vliegvelden en marktplaatsen in Sarajevo, Moskou, Tokyo, New York, Madrid, Londen, Parijs, Bagdad, Istanbul en Tel Aviv zijn plaatsen waar terroristen een bloedbad kunnen aanrichten. Maar ook in de Lage Landen, in Brussel, Amsterdam, of ´gewoon´ in Roosendaal kunnen treinstations of andere plekken ontruimd worden vanwege bommeldingen.

In de westerse wereld is een proces gaande waarin de energie-, openbaar vervoer-, en telecom markt wordt vrijgegeven. Dit zal door een verhoging van de concurrentie moeten leiden tot een verlaging van de prijzen. Water, lucht, voedsel, transportmiddelen en energie is wat we allen delen en nodig hebben. Dus waartoe zal dan de bevordering van de strijd hierover in vredesnaam moeten leiden? Meer kwaliteit? Een betere verdeling van wat we allemaal nodig hebben? Lijkt mij niet logisch.

De vraag is dus opnieuw: in wat voor tijd is de menselijke soort beland? Het is deze vraag die mij al weer tien jaar terug deed belanden bij de kennis van de oude Maya´s. Zij bleken de meest verfijnde en exacte kalenders te hebben vervaardigd op Aarde. Toen zij bijna twaalf eeuwen geleden hun steden verlieten, lieten ze in steen kalenders achter, die ondermeer juist deze tijd beschreven. En daarmee hadden ze mijn aandacht getrokken.

Je weet dat al hun kalenders eindigen op 21 december 2012. Dan begint het jaar Nul. Velen boezemt dit angst in; het einde der tijden zal dan kunnen geschieden. Maar hoezo moeten we bang zijn voor een Apocalyps in 2012? Zoals je kunt zien, zitten we er nu al midden in.

De kalender waarmee deze einddatum (en dus begindatum) werd bepaald, is de voornoemde Lange Telling, die begon op 13 augustus 3114 v.C. In de telling van deze kalender is dat 13.0.0.0.0. Het jaar 3114 v.C. was ´toevallig´ ook het jaar waarin het Egyptische Koninkrijk werd gesticht door Koning Narmer (of Menes). En dat komt grofweg overeen met het begin van de eerste beschaving op Aarde, de Soemerische in Mesopotamië. Volgens de overlevering werd rond deze tijd door zeven wijze mannen de eerste stad op Aarde gesticht, Uruk (Oer-oek), in het zuiden van het huidige Irak, een land dat is genoemd naar deze stad. Alles wat we geschiedenis noemen, is zo´n beetje begonnen in die tijd en op deze plek. Vanaf hier loopt volgens de Maya´s het Pad der Technologie, en dat gaat nu eindigen in het land waar de beschaving ook ooit begon: in Irak.

Technisch lijkt er op Aarde eigenlijk maar één probleem te zijn: distributie. Maar de verdeling van informatie en goederen is ondanks het internet en de ´vrije wereldhandel´ in handen van enkelen. Dit noem ik de terreur van de macht. En onder de velen die slecht zijn toebedeeld, zijn er enkelen met een even doeltreffend als fout antwoord: terreur. Dat is de verschrikkelijke terreur van de onmacht. Er is maar één simpel antwoord op alle vormen van terrorisme: samenwerking. En ik bedoel dit niet alleen in politieke of militaire zin.

Vanuit het Maya perspectief bestaat er een directe relatie tussen de kunstmatige, lineaire tijdsbepaling die we nu op Aarde hanteren, en de entropische, welhaast apocalyptische wereld waarin we ons nu bevinden. Hoe zit dat?

Waar weinig mensen bewust bij stil staan, is dat het meest bepalende instrument op Aarde voor het regelen van het sociale verkeer, een kalender is. Ga maar na: kerstmis, nieuwjaar, dag van de arbeid, Pasen, schoolvakanties, bevrijdingsdag, ramadan enzovoort, het zijn dagen die meer dan wat dan ook bepalend zijn voor de sociale orde in een land.

De jaarkalender waar iedereen mee bekend is, kent twaalf maanden, 52 weken van zeven dagen, en begint op 1 januari. Dat is de Gregoriaanse kalender en deze is gedurende de laatste eeuwen de standaardkalender geworden op deze planeet. Dit is het instrument waarmee jij je afspraken maakt. Dit instrument is vervolgens verfijnd door de mechanische klok met zijn twaalf uren van elk zestig minuten. Je hoeft hierdoor niet meer te kijken naar hoe hoog de zon staat om te weten op welke tijd van de dag jij je afspraak hebt, je kijkt op een wijzerplaat of op een digitale display om te weten hoe ´laat´ het is.

Dit alles is zo vanzelfsprekend geworden dat niemand lijkt te weten wat de oorsprong en reden is geweest van het bovengenoemde systeem van tijdsbepaling. Weet jij waarom het jaar twaalf maanden heeft en op 1 januari begint? Waarschijnlijk niet en toch laat je er je tijd door bepalen.

De Gregoriaanse kalender is een door een mannelijke priesterkaste bedachte kalender die geen bal met natuurlijke cycli te maken heeft. Sterker, ik doe de voorspelling dat meer en meer mensen er in de komende jaren achter komen dat dit instrument slechts geschikt is waarvoor het oorspronkelijk bedoeld is: om op tijd je rekeningen en belastingen te betalen. Meer niet. Het woord kalender stamt af van het Latijnse woord ´calends´ en dat betekent: rekeningenboek, of kasboek. Het is de tijdsbepaling van ´tijd is geld´. Tijd is kunst! De hele schepping is een kunstwerk. Daarom bestaan er alleen maar mooie zonsondergangen.

De indeling van het jaar in twaalf maanden en die van de klok in twaalf uren van zestig minuten is afkomstig van, inderdaad, de Soemeriërs. Rond 3100 v.C wisten zij al dat de wereld een bol was, en verdeelden ze die bol in 24 stukken, waarbij ieder deel bestond uit zestig minuten, die elk weer uit zestig seconden bestonden. Het duurde nog eens zo´n drieduizend jaar voordat dit systeem om ruimte in gelijke stukken in te delen, werd gebruikt om tijd in te delen. Dat was in het jaar 43 v.C. en het was de Romeinse krijgsheer Julius Caesar die dit liet doen om zijn kalenderhervorming door te voeren. Dat wil zeggen: het zonnejaar van 365 dagen werd verdeeld over twaalf maanden, twaalf onregelmatige eenheden van 28, 29, 30, of 31 dagen. Dat was de Juliaanse kalender die overigens door de Orthodox Katholieke Kerk, zoals in Griekenland, Servië en Rusland, nog steeds wordt gebruikt.

Ruimte is de derde dimensie van lengte, breedte en hoogte. En zoals Albert Einstein zei: Tijd is de vierde dimensie. Voor de indeling van tijd komt niet het getal twaalf in aanmerking, maar het getal dertien, waarover verderop in dit artikel meer. Dertien is een getal waar we bang voor lijken te zijn, het is het ´ongeluksgetal´ geworden. Dertien is een priemgetal en een getal in de Fibonacci groeireeks. Dertien drukt verandering, beweging uit. Twaalf is een statisch getal, maar wel heel geschikt om ruimtelijke verdeling te maken, want het is deelbaar door 1, 2, 3, 4, 6 en 12. We hebben dus een systeem om fysieke ruimte in te delen, gebruikt om tijd in te delen. Maar net als alle getallen is de tijd iets geestelijks, het is niet afkomstig van de fysieke dichtheid van de derde dimensie.

Toen de Europeanen vijftien eeuwen na Julius Caesar de planeet begonnen te koloniseren, stuitten ze aan het begin van de zestiende eeuw op een indianenvolk in de jungle van Midden Amerika, de Maya´s. Deze heidenen bleken een jaarkalender te hebben die preciezer was dan de Juliaanse kalender, de standaardkalender van het overwegend Romeins Katholieke Europa. De Maya´s waren het enige volk in de Amerika´s met een schrift. Net als de Soemeriërs hebben ze dit naar eigen zeggen, ontvangen van de goden. In vergelijking met het Soemerische spijkerschrift dat zo´n 600 tekens gebruikte, kende het Maya schrift ongeveer 800 tekens. De Soemeriërs schreven op kleitabletten, de Maya´s op een soort papier. In de tientallen jaren nadat Columbus als eerste Europeaan met een Maya kennis maakte, kwamen de Spaanse soldaten die uit waren op goud. En met hen kwamen de Roomse priesters. Onder leiding van de priester Diego de Landa werden (op drie na) alle Maya boeken verbrand, de grootste boekverbranding die er ooit ten tijde van de beschaving heeft plaats gevonden (!). Hierna werd de Landa door de Paus teruggeroepen en schreef hij in 1572 een boek over zijn bevindingen en ontdekkingen, ´De Relatie der Zaken van Yucatán´, het eerste boek van een Europeaan over de Maya´s. Hij werd daarna teruggestuurd en tot bisschop benoemd van het eerste bisdom van Midden- en Noord Amerika, dat van Mérida, de door de Spanjaarden gestichte stad op het Yucatán schiereiland van Zuid Mexico. Het Vaticaan maakte via het voornoemde boek gebruik van de kennis van de Maya´s om tot een verbetering te komen van hun jaarkalender, want hierin bleken de lente equinoxen er zeker tien dagen naast te zitten. En die had je nodig om jaarlijks de juiste datum van Pasen en Pinksteren vast te stellen. Na tien jaar was het zover en kon in 1582 door Paus Gregorius XIII de nieuwe kalender worden ingevoerd, de Gregoriaanse kalender. Als je op 4 oktober van dat jaar naar bed ging, werd je op 14 oktober weer wakker. En met ingang van het jaar 1584 werd er nu om de vier jaar telkens een schrikkeldag toegevoegd aan het jaar. Samen met het kolonialisme werd dit de kalender die zich vanuit Europa verspreidde over de gehele planeet, zodat het nu de standaardkalender is geworden op Aarde. Het is ironisch om te beseffen dat het de Maya´s zijn geweest die de Paus tot deze verbetering lieten komen.

Met het vernietigen van de Maya kalenderboeken werd de planeet beroofd van de natuurlijke, cyclische kalenders en zitten we nu met een bedachte, kunstmatige kalender van lineaire tijd, want de Maya´s werkten zelf met heel andere jaarkalenders.

In een lineaire tijd is er slechts groei via een rechte lijn, waarlangs alles zich opstapelt: meer kennis, meer productie, meer technologie, meer mensen, enzovoort. In een cyclische tijd keren de jaren, de seizoenen en de dagen telkens terug om een verdieping te brengen, zodat er niet alleen sprake is van kwantiteit, maar ook van kwaliteit. Lineaire tijd leidt tot meer van hetzelfde, waarmee we nu zijn beland bij nanoseconden en nano-technologie, wat heeft geleid tot het ontwikkelen van computer chips en computer processors die steeds sneller werken. Het heeft ons gebracht tot de versnellingen zoals hierboven genoemd. Het zijn versnellingen die werden mogelijk gemaakt door de ontwikkeling en verfijning van machines waarmee de mogelijkheden van het versnellen van productie, transport en informatie mogelijk werden. Een proces dat nu een eigen leven lijkt te leiden. Ieder mens staat nu geregistreerd in allerlei machines (computers) en die zijn in staat om ons leven meer te bepalen dan de mensen die deze machines ontwikkeld hebben of bedienen.

Wat weinig mensen weten, is dat de oudste machine op Aarde een mechanische klok is. Deze werd geconstrueerd aan het einde van de achtste eeuw n.C. in Bagdad, de hoofdstad van het huidige Irak.

Bagdad was in die tijd de jonge hoofdstad geworden van het nieuwe oosters kalifaat. Het islamitische Bagdad kende al snel een bloeiend, hoogstaand cultureel bestaan en het beschikte over de grootste bibliotheek op Aarde. De Islam had zich in de eeuw daarvóór in een voor de mensheid ongekend hoog tempo over de planeet verspreid in de landen rond en boven de evenaar op het Afrikaanse en Aziatische continent, van West Afrika tot aan Oost Indonesië. In de Heilige Koran, het boek dat de profeet Mohammed gedurende zijn veertig jarige verblijf in de Arabische woestijn had ontvangen via Aartsengel Gabriël, werd ondermeer aangespoord om de Schepping te onderzoeken.

In tegenstelling tot wat in latere tijden eeuwen lang in het christelijke Europa het geval zou zijn, werden de moslim geleerden in hun onderzoekstochten niet gehinderd door een centraal geregeerd kerkelijk instituut. Er was een boek, de Koran, en dat zei dat alles wat men onderzocht niet meer en niet minder was dan de Schepping die automatisch voortkwam en toebehoorde aan Allah. Alle onderzoek stond zodoende in dienst van de Schepper, Allah. En niets anders dan Allah. Dus vooruit met de geit: laten we het wonder van Allah onderzoeken en delen.

Terwijl het middeleeuwse Westen zich in die tijd in een soort duisternis bevond omdat het geen toegang meer had tot enige oude kennis, floreerde in die tijd het Midden Oosten spiritueel en economisch, omdat het toegang had tot zowel de kennis als de goederen van de oude Grieken als tot die van India en China. Sterker: het is aan de toenmalige islamitische Arabieren te danken dat wij in het Westen later konden beschikken over de kennis van ´onze´ oude Grieken, de bakermat van de westerse beschaving, omdat in die tijd de Arabische Moslims de ´oude Grieken´ herontdekten, bewaarden en onderzochten.

Op een gegeven moment, waarschijnlijk onder een potje schaken, hoorde de Groot Kalief van Bagdad, Haroen al Rasjied, dat in het verre westen een grote koning tot keizer gekroond zou worden. Dat was Karel de Grote, de eerste heerser van het Nieuwe Romaanse Rijk, vernoemd naar oude Romeinse Keizerrijk dat enkele eeuwen daarvoor ten onder was gegaan. De feestelijke kroning werd uitgevoerd door de Roomse Paus en vond plaats in het jaar 800 n.C. De kalief van Bagdad besloot een gezant te sturen met enkele cadeau´s voor deze nieuwe keizer. Eén van die cadeau´s was een mechanische klok. In Bagdad vonden ze die klok een leuk, interessant speeltje, meer niet. Want het had geen ziel. In boeken werd het ding beschreven als een soort in materie vormgegeven theorie over autonome regelmatige beweging.

Maar de R.K. monniken wisten een kleine eeuw later wel raad met die machine. Zij moesten immers verschillende malen per dag op gezette tijden samenkomen, ook voor dag en dauw, om hun vespers te zingen, hun liturgische gezangen. En met dit ding dachten ze precies te weten wanneer. Nu kon geheel los van de stand van de zon op exact het zelfde moment van de dag worden opgeroepen tot gebed. Iedere dag op hetzelfde moment, volgens een autonoom repeterende tijd werd een bel geluid, dag in dag uit, seizoen in seizoen uit, jaar in jaar uit. De kunstmatige dagtijd was geboren. En hij werd bepaald door een machine, de eerste machine, een zielloos hardmetalen apparaat uit Bagdad.

De beschaafde mens laat zijn tijd bepalen door een zelfbedachte, kunstmatige tijdsbepaling van twaalf maanden en een mechanische klok. De mens is de enige levensvorm die met een horloge rondloopt. Bomen dragen geen horloge. De apen, of je hond of kat, en ook de vogels functioneren prima zonder mechanische kloktijd. In de natuur bestaat geen uur. Een uur en een minuut zijn kunstmatige, abstracte concepten, gelijk de principes achter het uurwerk uit Bagdad.

Als je de wijzerplaat ziet van een klok, zie je op een tweedimensioneel vlak, een cirkel opgedeeld in twaalf segmenten, waarover twee armen ronddraaien: een korte en lange, de twee wijzers van de klok. Wat heeft dit met tijd te maken? Wat je ziet is niet het meten van tijd, maar die van een beweging in ruimte.

De machine en de klok hebben een directe relatie tot elkaar. Uit de mechanische klok kwam de machine voort. Omgekeerd geldt dat machines niet kunnen functioneren zonder klokken. Als je met je pc werkt, zie je onderin op de ´werkbalk´ van je computerscherm voortdurend een klok meelopen. Als je bezig bent achter een lopende band in de fabriek zul je waarschijnlijk voortdurend naar een klok aan de muur turen: Schiet ik al op? Produceer ik voldoende? Heb ik al koffiepauze?

Machines hebben over het algemeen een kortere levensduur dan mensen. Sterker: ze gaan tegenwoordig steeds minder lang mee. Hoeveel jaar denk jij dat je zult werken met je digitale camera? Langer dan je oude spiegelreflex? Heb jij een computer die ooit langer heeft dienst gedaan dan een typemachine? Wanneer jouw cd speler kapot is, zullen ze je in de winkel niet adviseren deze te repareren, maar te vervangen door een nieuwe.

Je zult dus meer mensen en grondstoffen nodig hebben om machines te produceren en te onderhouden. En je hebt mensen nodig om de producten af te zetten die worden gemaakt door de machines. Dit heet de markt. Dus je moet zorgen dat de markt blijft groeien. Dit doe je door óf te zorgen dat de markt over voldoende middelen beschikt om te consumeren (materiële rijkdom te verzamelen), óf dat de markt überhaupt groeit om te produceren en te consumeren (de gehele wereldbevolking), ongeacht haar vermogen om materiële rijkdom te verzamelen.

Toen ruim vijfduizend jaar geleden de beschaving in Soemerië begon, leefden ongeveer honderd miljoen mensen op Aarde. In 1750, toen de industriële revolutie begon, waren het er vijfhonderd miljoen. Dat is een groei van één naar vijf miljoen in vijfduizend jaar. Maar vanaf de industriële revolutie ging het ineens ongelooflijk snel. Want negentig jaar later, in 1840, was het verdubbeld tot één miljard. Weer negentig jaar later, in 1930, tot twee miljard. Dertig jaar later, in 1960, tot drie miljard. En nu, ruim veertig jaar later in 2004, is dit aantal opnieuw verdubbeld tot ruim zes miljard. De schattingen zijn dat er over zes jaar, in 2010, zeven miljard mensen op Aarde leven. Dankzij de concentraties van machines, de fabrieken, groeiden de steden. Duizenden jaren lang woonden de meeste mensen op het zogenaamde platteland, verbonden met de natuur. Nog geen honderd jaar geleden was er een omslagpunt waarin er meer mensen in steden gingen wonen. Nu woont het overgrote deel van de wereldbevolking in een stad, in een kolossale kunstmatige menselijke gemeenschap. Ook dat begon ooit in Mesopotamië, in Uruk; hoewel het toen ontstaan was om kennis te concentreren. Op Aarde is kennis gelijk aan macht.

Maar het proces van industriële groei is eindig, zoals alles wat kunstmatig is, per definitie eindig is, omdat het niet gevoed wordt door de bron waar het uit voortkomt, in dit geval de aarde. Op een gegeven moment zullen de hulpbronnen op zijn en hebben we niets anders dan afval.

Bij dit alles wordt vergeten dat machines niet meer doen dan het vervangen van bepaalde menselijke handelingen, de zich automatisch herhalende handelingen. Dit geldt ook voor onze computers, televisies of mobiele telefoons. Ze reproduceren automatische handelingen die in ons menselijk vermogen liggen: het overdragen van informatie. En dat doen ze steeds sneller, vaak sneller dan mensen.

We lopen nu achter onze eigen machines aan. Al in de jaren dertig van de vorige eeuw maakte Charlie Chaplin de film ´Modern Times´, waarin op humoristische wijze te zien is hoe op hol geslagen machines ons niet dienen, maar leiden.

Het concept achter alle machines komt voort uit onze menselijke geest, uit ons rationele deel wel te verstaan. Exact (!) op de helft van de Lange Telling kalender van de Maya´s, die onze geschiedenis is, het Pad der technologie van Babylon naar Babylon, werd in Noord India Boeddha geboren. Zijn moeder heette Maya, wat in de lokale Sanskriet taal ´illusie´ betekent. Deze avatar uit het oosten onderwees ons het pad van de innerlijke technologie. Zijn laatste woorden waren ongeveer als volgt: ´Volg niets of niemand, buiten jezelf.´

Rond dezelfde tijd werden ´toevallig´ allerlei invloedrijke wijzen geboren, zoals Zarathustra, Plato, Confucius en Lao Tzé. Zo werd in het westen in die tijd in Griekenland de filosoof en wiskundige Aristoteles geboren. Hij was het die de mensheid het mechanistische denken schonk. Wanneer je nadenkt, sta je per definitie los van je omgeving, los van de natuur. Rationele gedachten gaan altijd lineair, en wel vóóruit of achteruit in de tijd, ze zijn nooit in het hier en nu. Aristoteles legde met zijn wiskunde de theoretische basis voor de latere uiterlijke technologie.

Beiden mogen nu samenkomen. De uiterlijke technologie mag worden verinnerlijkt. En dit alles voor maar één doel: het laten groeien van ons bewustzijn, de enige echte grenzenloze groei die ons als mensheid is gegeven. En die nu een nieuwe, ongelooflijke grote stap gaat maken.

Wat hebben de Maya´s hier allemaal mee te maken? De Maya´s volgden een pad VOORBIJ technologie. Zij hadden geen wiel en geen hardmetalen smeedkunst. Wel hadden ze veel wiskundige en kosmische kennis, en kennis van de tijd. Ze wisten dat tijd de universele factor is van synchronisatie. Synchronisatie betekent samengaan (= syn), of samenvallen in de tijd (= chronos). De Maya wiskunde verschilt radicaal van ons begrip van tijd, dat immers lineair is. De Maya´s maakten synchroniciteitsmetingen. De oorspronkelijke Maya´s waren interdimensionale galactische reizigers. Ze kwamen naar de aarde rond de tijd van de geboorte van Boeddha en schiepen een hoogstaande civilisatie in de oerwouden van Meso Amerika, ver weg van Babylon. Toen rond 800 n.C. hun tempels en kalenders gereed waren, vertrokken ze weer. Dat was dus in de tijd dat Karel de Grote regeerde in het middeleeuwse Europa (zie: boven). Hun doel was om tijdwetenschap te ontwikkelen en deze planeet te laten synchroniseren met de rest van het zonnestelsel en de rest van dit deel van de melkweg.

Tijd stamt uit de geestelijke wereld. Tijd is een frequentie. Tijd informeert ruimte. We leven nu in een kunstmatige tijdsbepalingfrequentie van 12:60. Twaalf maanden, twaalf uren van elk zestig minuten. De natuurlijke frequentie is 13:20, en dat vinden we ondermeer terug in de dertien manen en de twintigtelling die de Maya´s hanteerden (wij hebben een tientallig systeem).

In de tijd dat de aarde om de zon beweegt, een jaar, draait de maan dertien keer om de aarde. Dus niet twaalf, of tien of wat dan ook. Interessant is dat we deze cyclus niet direct kunnen waarnemen vanaf de aarde, omdat onze planeet samen met haar maan om haar as draait. Je zou hiervoor eigenlijk het zonnestelsel van buitenaf moeten bekijken, een galactisch perspectief moeten hebben. Maar je kunt het ook berekenen, want een cyclus van 28 dagen is het gemiddelde van de drie verschillende maancycli. En we kennen het als de vrouwelijke menstruatiecyclus, en als de middelste en gemiddelde van de drie bio-ritmes, de emotionele cyclus. Niks nieuws dus. Het is de dertien manen kalender die ook gebruikt werd als de Druïden kalender door de Kelten, als de Sothische Kalender (of Kalender van Thoth) door de oude Egyptenaren, maar ook door de Essenen, waar Christus uit voortkwam en als de Pachacuti Kalender bij de Inca´s in Zuid Amerika. De Polynesische volkeren gebruiken deze kalender nog steeds. Dertien manen van 28 dagen is een vrouwelijke cyclus en het is simpelweg de cyclus van Moeder Aarde.

Wat we dan zien is een perfecte, harmonische cyclus van dertien manen van elk vier weken van zeven dagen, samen 364 dagen, plus een Dag Buiten de Tijd, die zo genoemd wordt omdat hij geen deel uitmaakt van de maan(d). Dan hou je de vraag over waar je deze kalender laat beginnen. De Egyptenaren en de Yukateekse Maya´s lieten deze beginnen op 26 juli. En dat is de enige juiste keuze, tenminste wanneer je een universele jaarkalender wilt voor deze planeet. Op 26 juli zijn we midden in de hondsdagen. Dan staat onze zon ieder jaar conjunct met de volgende ster, Sirius, de hondster. Aarde, Zon en Sirius staan dan op één lijn, voor ons de enige conjunctie tussen twee hemellichamen die ieder jaar op dezelfde tijd plaatsvindt en daarom een universeel ijkpunt. De Dag Buiten de Tijd wordt inmiddels ieder jaar door vele honderdduizenden gevierd overal op Aarde. Vorig jaar waren er in Japan alleen al tientallen festivals, en in Brazilië vele honderden. Het is een dag van vergeving, van loslaten van het oude jaar om daarna op kunstzinnige wijze feest te vieren.

Het bovenstaande is de kalender van Moeder Aarde, een natuurlijke kalender van cyclische tijd. Maar er is ook een tijd waarin alles tegelijkertijd is. Op ieder denkbaar moment, dus nu, draaien alle planeten, manen, sterren, sterrenstelsels, melkwegstelsels, atomen en moleculen tegelijkertijd. Allemaal in hun eigen cycli. Dit kunnen we noemen de radiale tijd. Want vanuit de vierde dimensie werkt tijd vanuit een nultijd, een stilte, die naar alle kanten tegelijkertijd uitstraalt. Dit gebeurt in een verhouding van 13:20. Jij kent deze tijd wanneer je in meditatie bent, dan ben je in de nultijd.

De Wet van Tijd, vertelt ons dat ´Tijd = energie x kunst´, waarbij kunst gezien moet worden als alles wat geschapen wordt, inclusief wat wij scheppen, inclusief wijzelf. Deze wet werd ontdekt in december van 1989, vlak na de Val van de Muur, door Dr. José Argüelles.

Dit principe vinden we terug in de heilige kalender van de Maya´s, de Tzolkin, een kalender van twintig reeksen van dertien dagen, samen 260 dagen, 260 Kin genoemd. Het zijn telkens dertien stappen ofwel dertien fasen waarin zich de twintig Gezichten der Schepping ontvouwen. Ze worden ook wel de dertien Tonen en twintig Zonnezegels genoemd. De Maya´s werkten met maar liefst zeventien kalenders tegelijkertijd, maar het is de Tzolkin die de meest belangrijke was. Dit is de galactische kalender waarin ondermeer 260 Kin ook 26.000 jaar zijn, en die gecombineerd werd met de andere kalenders. Deze kalender functioneert als een soort raderwerk dat met alle andere kalenderraderen meedraait en iedere dag codeert met een eigen specifieke energie. De Tzolkin functioneert zodoende ondermeer als een instrument om iedere dag te duiden, en deze daarmee in feite in overeenstemming te brengen met de energie vanuit het hart van de melkweg.

De natuurlijke orde in de vierde dimensie is de Synchrone Orde. Wanneer je jezelf afstemt op de natuurlijke cycli, verhoogt dat je telepathische vermogens, samen met je gevoel voor synchroniciteit. Er dan gebeuren meer ´toevalligheden´. De synchrone orde is als vierde-dimensionale mentale orde der werkelijkheid, pure synchroniciteit. Want de snelheid van tijd is ogenblikkelijk oneindig, en daarom de drager van telepathie. Tijd gaat sneller dan (fysiek waarneembaar) licht. Daarom kan telepathie alle ruimte overbruggen.

Los van deze technische formules, weet jij in je hart wat in het bovenstaande gezegd wordt. Want je ziel is tijdloos. Wanneer jij je hart volgt, ´verdwijnt´ de lineaire tijd, dan leef jij je zielentijd, die altijd kwaliteitstijd is. Met wie of wat jij een hartsverbinding hebt, heb je NU contact.

Daar waar geen ´beschaving´ is, leven mensen samen met de natuur en haar cycli. Vóórdat de beschaving begon, leefden mensen volgens de natuurlijke cycli, maar waren ze zich daarvan waarschijnlijk niet bewust. Doordat we gedurende onze beschaving gingen werken met een kunstmatige tijd, konden we ons überhaupt bewust worden van het concept ´tijd´ en hoe de tijd verantwoordelijk is voor alle groei op Aarde. En met dit bewustzijn, kunnen we bewust worden dat de enige werkelijke groei op Aarde, die van bewustzijn is.

Om onze biosfeer te redden, zullen we weer terug moeten keren naar een kalender die onze biologische ritmes kalibreert in overeenstemming met de natuurlijke vrouwelijke cyclus. Dan loopt ons ritme weer gelijk met die van de biosfeer en kunnen we een doemscenario in 2012 voorkomen. We worden dan weer liefdevolle medescheppers van de schepping, in plaats van angstzaaiende uitbuiters. Het is een simpele boodschap, wellicht te simpel voor ons omdat we er aan verslaafd zijn geraakt om alles onnodig ingewikkeld te maken. Zo simpel is het. Dan kunnen we na 2012 samen de troep gaan opruimen, die we tot die tijd gemaakt hebben, innerlijk en uiterlijk.

 

Meer weten?

www.natuurlijketijd.nl of www.pan-holland.nl .

Zie ook de internationale website www.tortuga.com . E-mail: pan-holland@tortuga.com .

Peter Toonen (galactisch agent Kin 132) geeft op uitnodiging lezingen over ´de natuurlijke tijd´ en samen met anderen workshops over de dertien manen kalender. Hij is schrijver van het boek ´Wat wisten de Maya´s?´ (1997, Uitgeverij Petiet) en ´De natuurlijke Tijd´ (2002, Uitgeverij Petiet).